Post Tagged ‘Grebbelinie’

Gisteren had ik een verloren uurtje in Utrecht en dook de boekhandel in om de tijd te doden. Ik verliet de winkel met twee boeken die ik hier kort wil belichten.

De eerste is het recent (16 april) verschenen boek van Jacob Topper, De Wonsstelling. Wie enigszins bekend is met de krijgshandelingen in mei 1940 rond de befaamde stelling van Kornwerderzand, zal ongetwijfeld afweten van de weinig succesvolle Wonsstelling. De ondertitel van het boek, Wanhoopslinie voor Kornwerderzand vat het samen. Over deze stelling was weinig te vinden. De auteur heeft de geschiedenis van de stelling allemaal uitgezocht en in 192 pagina’s (inclusief bijlages en noten) beschreven. Aan te raden voor wie belangstelling heeft voor het Nederlands leger in de periode 1939-1940.
Uitgave Friese Pers Boekerij, Eur 19.50.

Het tweede boek is Oorlog in je achtertuin. Aan de hand van de herinnering van betrokkenen (militairen en bewoners) schetst Jan Blokker jr. een beeld van de gebeurtenissen rond de Grebbelinie in mei 1940. Niet alleen de Grebbeberg, maar ook bijvoorbeeld Scherpenzeel komt aan de orde. Een boek dat nog kon worden gemaakt voordat de laatste getuigen ons hebben verlaten.
Uitgave Waanders, Eur 24,95.

Voorlopig hoef ik mij niet te vervelen in de tijd dat ik niet onderweg ben.

Advertenties

Voor vandaag was de weersverwachting tamelijk gunstig. En aangezien de lente op het punt staat echt door te breken en daarmee het groen wat het zicht op bepaalde kazematten ernstig gaan belemmeren ben ik wederom afgereisd naar Scherpenzeel voor een wandeling langs o.a. de S4 (een unieke kazemat) en het Werk aan de Engelaar naar Renswoude.
Eenmaal op de Liniedijk tussen de Broekerbrug en de spoorlijn Arnhem – Utrecht begon ik mij wel zorgen te maken. In plaats van de beloofde zon naderden tamelijk donkere wolken. Het deel van de liniedijk dat parallel aan de A12 loopt is een fraai maar vermoeiend traject om te lopen. De S4, die in 1940 de Groeperkade beveiligde, is op dit moment nog redelijk te zien, maar het ziet er naar uit dat de (prikkelige) vegetatie ter plaatse in de komende jaren alleen maar zal toenemen. Wie de S4 wil gaan bekijken, ik schat in dat na half mei de begroeiing echt te dicht zal zijn om er een glimp van op te kunnen vangen. Vergeet ook stevig wandelschoenen niet. De bodem is tamelijk zacht (wellicht volgt het “pad” het tracé van de loopgraven uit 1939-1940) en dat wandelt niet echt prettig.
Rond 1 uur ’s middags was ik weer terug uit dit gebied kon ik dan eindelijk beginnen aan het laatste deel, de wandeling over de Groeperkade naar Renswoude. Dit deel van het traject is inmiddels opgenomen in diverse wandelroutes, klompenpaden, etc en eindelijk kwam ik een paar tegenliggers tegen. Waarschijnlijk geen fortificatieliefhebbers, want zij liepen met strak tempo door het “Werk” heen.
Met de bus van 14.20 uur ben ik vanuit Renswoude teruggekeerd naar mijn uitgangspunt, station Veenendaal-De Klomp. Het was gelukkig droog gebleven, maar als de zon wegviel kon het tamelijk koud worden.
Dit en de andere verslagen over de Grebbelinie (Scherpenzeel – Leusden, en rond Amersfoort) zullen naar ik hoop over niet al te lange tijd op dit blog verschijnen.

Vandaag viel hij bij mij op de mat, de Wandelgids Grebbeliniepad, samengesteld door Bert Rietberg. In de eerder door dezelfde auteur samengestelde cultuurhistorische gids De Grebbelinie werden de restanten van de linie op systematische wijze van noord naar zuid beschreven, waarbij de beschrijvingen zich zeker lenen voor het plannen van wandeltochten. Maar er was geen van een aaneengesloten wandelroute. Het Grebbeliniepad is dat wel. Dat betekent wel dat op diverse plekken de wandelaar het traject van de eigenlijke linie zal moeten verlaten.
Het Grebbeliniepad loopt vanaf station Rhenen naar de oude haven van Spakenburg. De gehele route is opgedeeld in 12 etappes. De gids geeft hierbij een kaartje en een routebeschrijving (in zowel zuid – noord als in de omgekeerde richting). Verder zijn een aantal highlights apart beschreven.
Meer informatie op de website grebbelinie.nl alwaar de wandelgids ook online is te bestellen.

Zoals gezegd ben ik na mijn verkenning over het deel van de Grebbelinie tussen de Lambalgerbrug en de Broekerbrug teruggekeerd naar mijn uitgangspunt. In het tweede deel van dit verslag vervolg ik mijn wandeling over de hoofdweerstandslijn van de Grebbelinie, nu tussen de Lambalgerbrug (Scherpenzeel) en de Pothbrug (Woudenberg). Ter oriëntatie eerst een kaartje, overgenomen uit Grebbelinie 1940 van E.H. Brongers (2e druk 1971).

De aanval op de Grebbelinie, 13 mei 1940

Dit kaartje laat de Duitse aanval zien op 13 mei. In de ochtend moesten de voorposten rond Scherpenzeel het veld ruimen, en trokken de Duitse eenheden van het 366e regiment het brandende dorp binnen. Het plan om later op de dag de hoofdweerstandslijn te doorbreken faalde echter. De Nederlandse troepen op de Liniedijk, ondersteund door artillerie wisten de aanval af te slaan. Bij dit succes zal ook een rol gespeeld hebben dat, zoals bij Brongers te lezen is, de aanvaller niet goed op de hoogte was van de ligging van de Grebbelinie en een deel van de aanvallende troepen onder flankerend vuur kwam te liggen.
Op het kaartje zijn drie bruggen over het Valleikanaal te zien. De meest zuidelijk gelegen is de Broekerbrug. De middelste de Lambalgerbrug (foto), en de noordelijke de Pothbrug.

Tussen de Lambalgerbrug en de Pothbrug zijn drie stekelvarkens (S-kazematten), een veldleger kazemat en de restanten van een G-kazemat te vinden. Afgezien van deze boeiende stukjes beton is het ook vanuit perspectief van de natuurliefhebber een schitterende wandeling. Op deze doordeweekse dag in april 2009 ben ik slechts drie passanten tegengekomen; een dame met een hond, en twee vissende jongens. Op dit deel van de liniedijk is de begroeiing duidelijk minder in vergelijking met het stuk ten zuiden van de Lambalgerbrug. Het groen wordt dan ook door grazend vee binnen de perken gehouden. Dat vee is iets waar de wandelaar rekening mee moet houden, maar daarover later.

De eerste kazemat die je tegenkomt is van het type Szw voor frontaal vuur, of te wel een S-kazemat voor een zware mitrailleur, waarbij de drie schietgaten voor frontaal vuur zijn opgesteld.

Het toegangsluik stond open, dus ik heb even een blik binnen geworpen. En toen hoorde ik een gerommel achter me.

Dat er schapen op de liniedijk los rondlopen wist ik al. Ik had er echter geen rekening mee gehouden dat er ook paarden rond kunnen hollen. Het is wel iets om in het achterhoofd te houden als je hier gaat fotograferen, want de paarden kunnen er soms behoorlijk de vaart in zetten, en komen – zo bleek uit de hoefsporen – ook op de kleinste paadjes.
Vlak bij de SZw ligt een kazemat die door het veldleger zelf is ontworpen. Een nogal simpel ding, met een relatief grote toegang, en voorzien van een heel klein schietgat.

Hij was open, dus ik ben er in gekropen. Aldus kun je enig idee krijgen van hoe het hier in 1940 geweest moet zijn. Dit natuurlijk als je de sporen van hedendaagse gebruikers wegdenkt.

Het toenmalige schootsveld van deze kazemat wordt nu geblokkeerd door een grote boom.

Een beter idee hoe de verdedigers van de Grebbelinie de vijand hebben zien naderen (en het uitstekende zicht op de aanvallers), krijg je als je een paar stappen naar links maakt.

Hier trof ik ook een cirkelvormige verdieping in de dijk aan. Gezien op de vorm lijkt het erop dat dit een niet volledig volgegooide granaattrechter is.

De volgende kazemat, een “doodgewone” S3 (ooit bewapend met een lichte mitrailleur van het type m.20) ligt er erg fraai bij. Hij is zowel van achter als aan de voorzijde goed te bekijken en geeft aldus een goede indruk hoe de mitraileurkazematten in de liniedijk opgenomen waren. 80 centimeter beton moest de bemanning van drie man beschermen tegen vijandelijk vuur. Zoals de zwaar beschadigde kazematten langs de Maas tonen kon dit langdurige beschietingen met 88mm geschut echter niet doorstaan. Hier is dit geweld de soldaten echter bespaard gebleven.

Ook hier kun je naar binnen kijken. Vergelijk het interieur met die van de SZw hierboven.

Door via het schietgat naar binnen te kijken, zie je het weinig riante toegangsluik. Dit is volgens mij het standaard formaat. Zoals in mijn vorige posting gezegd, de stekelvarkens op het zuidelijke deel van de Liniedijk hebben een grotere toegang.

Ik vervolg mij weg. Verderop is een stuk van het loopgravenstelsel gereconstrueerd. Zo krijg je een goed idee van de totale inrichting van de linie, waar de kazematten maar een onderdeel van uitmaakten. Aan de voorzijde zien we de reconstructie van een opstelling voor een stuk pantser afweer geschut. De betonnen dekking aan de voorzijde is origineel.

Naast de gereconstrueerde loopgraaf en de PAG-opstelling is er een grenspaal van het ministerie van oorlog te zien.

Tenslotte de laatste S-kazemat op dit deel van de Liniedijk. De Gids van Rietberg geeft nog op dat ten noorden van deze S nog de restanten van een G-kazemat moeten liggen. Ik heb deze echter niet kunnen traceren.
Deze is aan de voorzijde zwaar beschadigd. Ik betwijfel echter of dit schade uit de mei-dagen is. Ik heb er althans in de literatuur niets over kunnen vinden. Ook het ontbreken van verdere schade op de voorzijde wijst erop dat dit niet het resultaat is geweest van een beschieting.


De nieuwsgierige schapen vragen zich af wat deze wandelaar met fototoestel in de zin heeft.

Het eindpunt van deze etappe, de Pothbrug, gelegen in de weg Woudenberg – Scherpenzeel. Hier ben ik op de bus naar Zeist gestapt. Een fraaie rit die voert door Austerlitz. Na deze lange dag ontbrak mij de tijd om ook nog een bezoek te brengen aan de Pyramide van Austerlitz. Dat reisdoel blijft nog op het programma.

In het volgende deel gaat de wandeling verder vanaf de Pothbrug naar Leusden, een traject waar de wandelaar niet alleen S3’en en B-kazematten tegenkomst, maar ook de Duitse bunkers van het zelfdzame type St703, en bij Leusden ook een S7 bezocht kan worden. Dit reisverslag zal na Pasen op dit blog verschijnen.

In april 2009 heb ik twee dagen besteed aan het aflopen van de Grebbelinie tussen Scherpenzeel en Leusden. Dit net voordat de bladgroei een speurtocht naar verborgen kazematten te lastig zou gaan maken. Ik heb hiervan dankbaar gebruik gemaakt van het boekje De Grebbelinie, een cultuurhistorische gids van Bart Rietberg (uitgeverij Matrijs, Utrecht, tweede druk 2007). Door mij gemaakte wandeltochten zijn hierin beschreven op de kaarten 7, 8, 9, 10 en 12. Waar de gids de Grebbelinie beschrijft van noord naar zuid, heb ik om vervoerstechnische redenen ervoor gekozen om de wandeling in de omgekeerde richting te maken, en wel in twee etappes: 1) van de Pothbrug (Woudenberg) naar Leusden, en 2) Scherpenzeel, Broerkerbrug naar de Pothbrug. Op de Pothbrug is er een bushalte met verbindingen naar het station Veenendaal-De Klomp (elke 30 minuten), resp. Amersfoort en Zeist.

Dit verslag is een licht aangepaste versie van een fotoverslag dat in 2009 is gepubliceerd op het Fortificatieforum

Zoals de meeste lezers wel zullen weten was Scherpenzeel de plek waar met succes de pogingen van het Duitse leger om de Grebbelinie te doorbreken werden afgeslagen. Dat tijdens de gevechten het dorp zelf zwaar werd beschadigd is anno 2009 niet meer te zien.

In april heb ik twee dagen besteed aan het aflopen van de Grebbelinie tussen Scherpenzeel en Leusden. Dit net voordat de bladgroei een speurtocht naar verborgen kazematten te lastig zou gaan maken. Ik heb hiervan dankbaar gebruik gemaakt van het boekje De Grebbelinie, een cultuurhistorische gids van Bart Rietberg (uitgeverij Matrijs, Utrecht, tweede druk 2007). Door mij gemaakte wandeltochten zijn hierin beschreven op de kaarten 7, 8, 9, 10 en 12. Waar de gids de Grebbelinie beschrijft van noord naar zuid, heb ik om vervoerstechnische redenen ervoor gekozen om de wandeling in de omgekeerde richting te maken, en wel in twee etappes: 1) van de Pothbrug (Woudenberg) naar Leusden, en 2) Scherpenzeel, Broerkerbrug naar de Pothbrug. Op de Pothbrug is er een bushalte met verbindingen naar het station Veenendaal-De Klomp (elke 30 minuten), resp. Amersfoort en Zeist.

Zoals de meeste lezers wel zullen weten was Scherpenzeel de plek waar met succes de pogingen van het Duitse leger om de Grebbelinie te doorbreken werden afgeslagen. Dat tijdens de gevechten het dorp zelf zwaar werd beschadigd is anno 2009 niet meer te zien.

Wel herinnert de benaming “Plein 1940” voor het plein nabij de kerk, en de straatnaam “De Voorposten” nog aan de meidagen. Meer tastbaar is het monumentje “De Voorposten” aan de noordzijde van het dorp. Na afgestapt te zijn van de bus waarmee ik uit Veenendaal was gekomen, ben ik eerst gewandeld naar dit monumentje gewandeld. Het doet mij een beetje denken aan de monumentjes die je langs de Belgische wegen aantreft, ter herinnering aan de inzet van Belgische, Franse en Engelse legenonderdelen in de Eerste Wereldoorlog. Ik vind dat altijd wel erg charmant. Wat dat betreft vind ik het een beetje jammer dat de regimentsmonumentjes op de Grebbeberg allemaal staan op het Ereveld, en niet verspreid over de Grebbeberg zelf.


Het monument is erg simpel (zoals het hoort), en bestaat uit een stuk spoorrails (uit 1939) dat in beton is geplaatst. Dit herinnert aan de wegversperringen die tijdens de mobilisatie werden geplaatst door het Nederlandse leger.

Ik ben na mijn bezoek, teruggekeerd en via het dorp mijn weg gevonden naar de hoofdlijn van de Grebbelinie in 1940. Deze was gelegen op de Liniedijk die langs het Valleikanaal ligt. In 1940 was tevens het terrein voor het Valleikanaal voor het grootste deel van innundaties voorzien. Nu kan men zich nog enig idee vormen van de verdedigingslinie aan de hand van de S en B-kazematten die bewaard zijn gebleven. Tevens zijn er hier en daar nog restanten van G-kazematten aan te treffen. Ik laat deze in mijn foto verslag buiten beschouwing. Op een enkel exemplaar na gaat het wel om zeer bescheiden restanten. De kazematten werden immers door de bezetter opgeblazen om het staal van de koepels voor hun oorlogsindustrie te kunnen bemachtigen. Veelal bleef slechts een hoopje beton achter.

Bij de Broekerbrug is duidelijk het hoogteverschil tussen de Liniedijk te zien en het terrein ten oosten van het kanaal.

Liniedijk, gezien naar het zuiden

De route over de dijk is voorbehouden aan de wandelaar, de fietser kan het pad aan de overkant volgen.

Aan het begin van de route over de dijk, bij de Broekerbrug, trof ik een stuk beton aan waarvan de achtergrond mij niet duidelijk is. Tot op heden heb ik dit raadsel nog niet kunnen oplossen.

Een raadselachtig stuk beton. Restant van de Grebbelinie?

Hoewel het pad tussen de Broekerbrug en de Pothburg goed te volgen is (dat is niet overal op de Liniedijk het geval, zo mocht ik ondervinden) is de dijk op het allereerste stuk zwaar begroeid, met het gevolg dat sommige kazematten slecht of nauwelijks zichtbaar zijn. Ook is het dan onmogelijk om een blik op de voorzijde te werpen.

Goed zichtbaar zijn een S en een B-kazemat die vlak bij elkaar liggen. Het viel we hier trouwens op dat de toegang tot de S-kazemat verrassend ruim is. Verderop hebben de S-kazematten allemaal een klein toegangsluik.

Duidelijk sporen van de gevechtshandelingen vertoont de op dit deel van de Grebbelinie meest noordelijk gelegen S-kazemat. Volgens de Wandelgids van Rietberg is dit de stelling die tot het laatst werd verdedigd, om de terugtocht van de troepen op de Nieuwe Hollandsche Waterlinie te dekken.

Sporen uit mei 1940

De zon die door de bladerloze bomen schijnt, maakt fraaie plaatjes mogelijk. Je zou haast vergeten dat hier in mei 1940 hard gestreden is.

Tot slot een foto van de B en S-kazemat.

Hierna heb ik besloten om het resterende deel van de Liniedijk in de richting van Veenendaal te laten voor een andere gelegenheid, en terug te wandelen naar mijn uitgangspunt en vervolgens de dijk af te lopen naar de Pothbrug. Het verslag hiervan is voor de volgende keer. “Stay tuned”.